
Wet opneming buitenlandse kinderen ter adoptie
Artikel 7
1
Ten behoeve van de beslissing op bezwaar tegen een besluit, inhoudende de afwijzing van een verzoek tot verlening van een beginseltoestemming of tot verlenging van de geldigheidsduur ervan alsmede de intrekking van een beginseltoestemming wint Onze Minister, onder overlegging van de op de zaak betrekking hebbende bescheiden, schriftelijk advies in van de Raad voor strafrechtstoepassing en jeugdbescherming. Artikel 7:13, tweede tot en met zevende lid, van de Algemene wet bestuursrecht is van overeenkomstige toepassing.
2
Door de Raad opgeroepen getuigen en deskundigen ontvangen desverkiezend een vergoeding uit de openbare kas, door de voorzitter van de Raad te begroten overeenkomstig het bij of krachtens de Wet tarieven in burgerlijke zaken (Stb. 1960, 541) bepaalde.
3
Het eerste en het tweede lid zijn niet van toepassing:
a
indien bezwaar wordt gemaakt tegen een besluit tot afwijzing van het verzoek tot verlening van een beginseltoestemming op grond van artikel 5, vijfde lid, onder b, eerste volzin, en beide aspirant-adoptiefouders op het tijdstip van indiening van het verzoek de leeftijd van vierenveertig jaren hebben bereikt; of
b
indien bezwaar wordt gemaakt tegen een besluit tot verlenging van de geldigheidsduur van de beginseltoestemming voor een duur korter dan drie jaren en artikel 3, eerste lid, tweede volzin, van toepassing is.
Jurisprudentie bij dit artikel
- Hieronder wordt een selectie van de bijbehorende jurisprudentie getoond.
- Geen resultaten gevonden voor de door u opgegeven zoek termen.